Pelgrimeren is trekken van de ene pleisterplaats naar de andere, onderweg gedragen door de schoonheid van de omgeving, door de warmte van de ontmoetingen of door de inspiratie van de woorden van een heilige waaraan het pelgrimspad is gewijd. Maar pelgrimeren is ook de confrontatie met de regen en de harde wind die je het zicht benemen, onaangename ontmoetingen en de onbegrijpelijke kanten van het heilige, het onbevattelijke niet-weten. Pelgrimeren is een reis door het leven, een reis door tijd en ruimte, en tegelijkertijd een reis naar binnen. Een reis die je eens begon, zonder precies te weten waar of wanneer. Op een bepaald moment realiseer je je dat je onderweg bent en dat er geen weg terug meer is. Je zet de ene stap na de andere, raakt soms verdwaald, maakt omwegen, struikelt, staat op en vervolgt je weg zonder te weten wat de eindbestemming zal zijn. Of ligt de bestemming juist heel dichtbij, 'dieper dan ik mijzelf ooit ken?'Pelgrimeren is een way of life geworden, naar buiten en naar binnen. De natuur, de bergen, het Wad, de luchten en het water trekken me naar buiten, het ritme van de getijdengebeden trekt me naar binnen, naar de stilte.